Het is normaal dat je gewicht in de puberteit toeneemt. Je wordt immers ook heel wat groter. 

Tijdens de puberteit 

Pubers krijgen een grotere eetlust, en soms eetbuien. Dat komt omdat het lichaam veel energie nodig heeft om te groeien.
Meisjes krijgen rondere vormen: de heupen, billen en bovenbenen zetten uit. Jongens krijgen meer spieren, de schouders en borstkas worden breder. Omdat meisjes vroeger in de puberteit komen dan jongens, groeien en verdikken ze ook eerder. Die achterstand halen jongens later weer in.

Gezond gewicht

Wil je weten of je een goed gewicht hebt voor jouw lengte, dan kan je je BMI (Body Mass Index) berekenen of je middelomtrek opmeten. Ligt je BMI tussen 18,5 en 25, dan heb je een gezond gewicht. Een BMI lager dan 18,5 wordt beschouwd als ondergewicht. Een BMI hoger dan 25 wijst op overgewicht, en vanaf 30 spreekt men van obesitas. Ben je onder de 18 jaar, dan baseer je je beter niet op het BMI maar wel op de groeicurven.

Onzekerheid versus acceptatie

Veel jongeren zijn onzeker over hun lichaam en gewicht. Meestal vinden meisjes zichzelf te dik, terwijl jongens eerder breder en gespierder willen zijn. Accepteer je lichaam. Iedereen is uniek en mag er zijn. Probeer gezond te eten en regelmatig te bewegen. Dat helpt om op een gezond gewicht te blijven en je goed in je vel te voelen. Ben je echt te zwaar (overgewicht of obesitas), vraag dan raad aan je huisarts of een diëtist.