'Dat hij verdorie groot gelijk heeft!', zei mijn oma. Kardinaal Léonard had net op de televisie verteld hoe hij abortus barbaars vond.

Ook al zijn we met 12 kleinkinderen, en ondertussen allemaal volwassen, met Pasen gaan we nog steeds allemaal naar de bomma, om paaseitjes te rapen. Daarna hebben we een brunch, en kijken we traditioneel eerst naar het nieuws om de paaswensen van de paus te zien.

Mijn oma en ik hebben een heel hechte band, ik heb zelfs een tijdje bij haar gewoond. Dat uitgerekend zij zo kortzichtig reageerde op abortus, sneed recht door mijn hart. Vooral omdat ze zelf niet weet dat ik er ook één achter de rug heb.

Ruben en ik, dat was vanaf het eerste ogenblik raak. We leerden elkaar kennen op de universiteit en waren meteen dolverliefd. Ons leven verliep volgens plan. Samen afgestudeerd, gaan samenwonen, onze eerste job gestart.
Het was vooral onze liefde voor reizen die ons had samengebracht en na een paar jaar huisje-tuintje-boompje waren we dat leven wel wat zat. We hebben beiden onze baan opgegeven, ons appartement en meubels verkocht, en tickets voor een wereldreis werden aangeschaft. En toen bleek ik zwanger.

Ik had een paar weken voordien hevige griep gehad, en die heeft blijkbaar de werking van mijn pil verstoord. Toen we het ontdekten, hebben we eerst een uur gezwegen. Daarna zijn we beginnen praten, en huilen. Vier dagen later hebben we besloten een afspraak te maken bij de dokter. Die doktersafspraken waren pijnlijk, niet hevig pijnlijk, maar eerder een zeurend, knagend gevoel. Ruben is de hele tijd bij me gebleven, en heeft mijn hand vastgehouden. Toen we thuiskwamen zijn we in de zetel gaan liggen en heeft hij me de hele avond niet losgelaten.

We konden ons kleintje gewoon niets bieden. We hadden geen huis, geen werk en een beetje spaargeld. We stonden net voor de reis van ons leven. Ruben en ik waren op dat moment in de meest egoïstische fase van ons leven, de fase die normaal gezien voor het ouderschap komt. We waren er niet klaar voor. Financieel niet, materieel niet. We wilden het niet wagen ons kindje geboren te laten worden zonder stabiliteit, en zonder zeker te weten dat we hem of haar niets zouden kwalijk nemen.

Een paar weken later zijn we vertrokken. De weerslag kwam maanden later, toen we aan het trekken waren in Bali, en mijn aandacht getrokken werd door een klein meisje dat met een hondje aan het spelen was. Ik heb vier dagen in een hostelbed liggen huilen, maar Ruben was mijn rots. Hij heeft me vastgehouden, getroost, eten in mijn mond gestoken met een lepeltje. Na die reis wist ik het zeker: dit is de man van mijn leven en de vader van mijn kinderen.

Ruben en ik zijn momenteel verloofd, een huisje aan het bouwen én zwanger. En dit keer voelt het heel anders. Het voelt helemaal goed. We gaan onze kleine meid (want ja, het is een meisje!) vertellen over haar broertje of zusje, en we gaan zeggen dat ze niet ons eerste kindje is.
We gaan ook zeggen dat we geen slechte mama en papa willen zijn, en we daar vorige keer niet zeker van waren. Maar dat we er nu helemaal zeker van zijn dat ze de beste ouders gaat krijgen die we kunnen zijn.

Nog 4 maanden. Ik tel ze al af.


Janne, 29 jaar

Geschreven door Geertje De Backer