De leeftijd heeft veel invloed op de vrouwelijke vruchtbaarheid. Vrouwen zijn het vruchtbaarst gemiddeld rond hun 25e.

Een vrouw is het vruchtbaarst tussen 18 en 30 jaar, met een piek rond de 25. Per cyclus is er dan ongeveer 20 tot 25% kans om zwanger te worden. Vanaf de leeftijd van 30 daalt die kans gestaag: tussen de 35 en 37 jaar heeft men nog maar de helft zoveel kans om zwanger te raken, tussen de 38 en 40 nog maar een vierde.

Eicellenvoorraad bij vrouwen

Een vrouw heeft namelijk een beperkte hoeveelheid eicellen. Eicellen worden reeds vóór de geboorte aangemaakt en in een onrijp stadium in de eierstokken gestockeerd. Een pasgeboren meisje beschikt over ongeveer 1 miljoen eicellen. Die beginnen vanaf dan af te sterven, zodat er tegen de puberteit nog zo’n 400.000 over zijn. Bij de menopauze blijven er nog maar enkele tientallen over. Als vrouw ben je vruchtbaar zolang je een goede eisprong hebt.

Zaadkwaliteit bij mannen

Omdat de man voortdurend zaadcellen aanmaakt, speelt de leeftijd een minder belangrijke rol. Mannen kennen, in tegenstelling tot vrouwen, geen duidelijk eindpunt van hun vruchtbaarheid. Toch is het zo dat hun zaadkwaliteit gemiddeld vanaf de leeftijd van 40 tot 45 jaar begint af te nemen.