Als je zwanger bent, produceert je lichaam een bepaald hormoon: HCG. Of dit hormoon aanwezig is in je lichaam kan je nagaan met een urinetest of met een bloedtest. 

Bloedtest geeft meeste zekerheid

Het tijdstip van testen is belangrijk. Een urinetest kan, vooral wanneer deze in het allereerste begin van de zwangerschap gedaan wordt, een negatieve uitslag geven, terwijl iemand toch al zwanger is. Dit komt omdat er dan nog niet genoeg HCG in de urine aanwezig is om te kunnen worden aangetoond. Daarom is een negatieve uitslag, vooral in het begin, minder veelzeggend dan een positieve.

De uitslag van een zelf uitgevoerde test moet beschouwd worden als een aanwijzing. Wanneer er wel zwangerschapssymptomen zijn maar het resultaat van een zwangerschapstest is negatief, ga je best naar een huisarts. Wanneer de test wel positief uitvalt, laat je dit resultaat door de huisarts bevestigen.

Zwangerschapstest en de pil

Het innemen van de pil heeft geen invloed op de betrouwbaarheid van de test. Als je de pil neemt en denkt zwanger te zijn, is het moeilijk om te bepalen wanneer je overtijd bent. Als je denkt meer dan drie weken zwanger te zijn, kan je een test doen. Als je zwanger bent, dan is er voldoende hormoon aanwezig dat de test kan opsporen.