Hiv is het virus dat aids veroorzaakt. Het staat voor humaan immunodeficiëntievirus. Hiv is goed te behandelen, maar je kan er niet van genezen.

Wie de hiv-medicatie dagelijks inneemt, krijgt geen aids.

Hiv en aids: gevolgen van hiv-infectie

Het hiv-virus valt het afweersysteem aan dat het lichaam verdedigt tegen bacteriën en virussen.

Bij een hiv-infectie daalt het aantal witte bloedcellen en stijgt de hoeveelheid virus in je bloed. 

Als hiv niet wordt behandeld, krijg je op lange termijn aids. Het afweersysteem is dan zo verzwakt dat het je niet meer kan verdedigen. Er treden dan levensbedreigende infecties op. 

Besmetting met hiv

Hiv wordt vooral overgedragen via onbeschermde seks:

  • vaginale seks
  • anale seks (grotere kans op besmetting)
  • orale seks (pijpen en beffen) geeft een zeer klein risico 

Je kan hiv ook krijgen door contact met besmet bloed (door besmette injectienaalden te delen of door prik- en snijongevallen.

Tijdens en na een bevalling van een hiv-positieve vrouw is er een kans op hiv-overdracht, onder andere door borstvoeding. 

Heb je een kinderwens? Medische begeleiding rond je zwangerschap en bevalling voorkomt besmetting.

Dagelijks contact bevat géén risico op besmetting met hiv.

Lees meer over de kans op een hiv-besmetting

Symptomen van hiv

Als je net besmet bent met hiv, heb je meestal geen duidelijk herkenbare symptomen.

Sommige mensen krijgen na 2 tot 4 weken na besmetting griepachtige klachten:

  • koorts
  • huiduitslag
  • gezwollen lymfeklieren (in hals of lies)
  • nachtelijk zweten
  • gebrek aan eetlust
  • gewichtsverlies
  • vermoeidheid
  • hoofdpijn
  • diarree
  • misselijkheid

De ene is hier erg ziek van, de ander merkt niets. Na enkele weken verdwijnen de symptomen. Bij een langere hiv-infectie kunnen de symptomen terugkeren en langer aanhouden.

Tijdens deze beginfase ben je het meest besmettelijk voor anderen. Er zit dan veel virus in je bloed.

Symptomen van hiv door angst

Na onbeschermde seks kan je ongerust worden en beginnen piekeren. Je bent bang omdat je weet dat je een risico hebt gelopen.

Net door die angst krijg je bepaalde symptomen die lijken op de eerste symptomen van hiv. Dat kunnen algemene stress symptomen zijn zoals:

  • moeheid 
  • diarree 
  • uitslag of jeuk

Symptomen op zich zeggen dus niet veel. Een hiv-test is de enige manier om je uit je onzekerheid te verlossen.

Blijf je na een negatieve hiv-test toch zitten met je angst? Hindert deze angst je in je dagelijks leven? Dan schakel je best hulp in van een arts of psycholoog.

Hiv opsporen met een hiv-test

Hiv opsporen kan bij een huisarts of testcentrum.

De hiv-test spoort in je bloed antistoffen tegen het hiv-virus op. Na één week heb je het resultaat. 

Je kan deze test pas laten uitvoeren wanneer je lichaam voldoende antistoffen heeft aangemaakt:

  • Hetero's testen best vanaf zes weken na de besmetting.
  • Mannen die seks hebben met mannen testen best vanaf 4 weken na besmetting.

Als je een hoger risico hebt om hiv op te lopen, is het verstandig je regelmatig te laten testen op hiv en soa's.

Hiv behandelen

Hiv genezen kan nog niet, het virus blijft in het lichaam aanwezig. Maar hiv behandelen kan wel. Hiv-medicatie versterkt het afweersysteem, waardoor het virus bijna helemaal verdwijnt.

Mensen met hiv die hun medicatie nauwgezet innemen zijn daardoor niet besmettelijk bij seksueel contact. En dat blijft zo, zolang ze hun medicatie goed nemen.

Vrijwel alle mensen met hiv in België hebben een ondetecteerbare virale lading. Ze geven het virus niet meer door.

Lees meer over hiv en aids behandelen

Hiv: je sekspartner verwittigen

Kreeg je een hiv-diagnose? Verwittig je sekspartner(s), zodat zij zich kunnen laten testen. Zo voorkom je nieuwe besmettingen. 

Doe je dat liever niet zelf? Bespreek dat dan met je arts. Die kan hen inlichten zodat jij anoniem blijft.

Hiv voorkomen

Je kan een hiv-besmetting zo veel mogelijk voorkomen op deze manieren:

Onbeschermde seks gehad?

Laat je testen op soa's en hiv.

Wissel je vaak van sekspartner?

Laat je om de 3 maanden tot jaarlijks testen op hiv en soa's.

Prik- of snijongeval gehad?

Contacteer onmiddellijk een hiv-referentiecentrum of universitair ziekenhuis. 

Wat na een hiv diagnose?

Een hiv diagnose krijgen is in België geen doodvonnis meer.

Met hiv-medicatie kan je een lang en kwaliteitsvol leven hebben, zonder aids te krijgen. Relaties en seks, kinderen krijgen en werken als je hiv hebt, blijven allemaal mogelijk. 

Wettelijk hoef je niemand te zeggen dat je hiv hebt. Maar praten over hiv helpt om de diagnose te verwerken. Ook contact met een lotgenoot kan helpen.

Heb je een hiv-diagnose gekregen of ken je iemand met hiv in je omgeving? Dan kan je terecht bij Sensoa Positief

Ik heb veel steun aan mijn familie en vrienden. Zij zijn soms bezorgd dat ik zo open praat over hiv.

Portretfoto Matteo

Veelgestelde vragen

Bestaat er een vaccin tegen hiv?

Nee. 

Ondanks dat hiv veel bestudeerd is, blijft het moeilijk om een vaccin te ontwikkelen. Hiv verandert namelijk steeds. Het virus vermomt zich steeds in een ander omhulsel, zodat het lichaam het minder goed kan herkennen.

Een vaccin ontwikkeld uit één type virus, zou dus enkel beschermen tegen dat type virus. Een hiv-virus met een iets andere aankleding zou niet tegengehouden worden. 

Er bestaat wel PrEP, voor mensen die een hoog risico lopen op hiv.

Klopt het dat je bij een gelopen risico snel kunt starten met PEP?

Ja, dat klopt. Je kan PEP starten ten laatste 72 uur na het risicocontact

Maar het hangt af van het risico. Je arts beslist of je een risico hebt gelopen op een hiv-infectie. Hij kan je dan eventueel PEP voorschrijven. 

Let op: PEP is geen pil die je zomaar na een risicocontact neemt. Het is een therapie die je 4 weken lang moet volgen. Het geeft geen 100% garantie en er kunnen bijwerkingen zijn. 

Wat zijn CD4-cellen of T-cellen?

Een CD4- of T-cel is een witte bloedcel. Ze speelt een belangrijke rol in het afweersysteem. Het aantal CD4-cellen per mililiter bloed geeft aan hoe het met je afweersysteem is gesteld.

Als hiv het lichaam binnendringt, gebruikt het die cellen om zich te vermenigvuldigen. De CD4-cellen gaan kapot en de afweer vermindert. Door de hiv-medicatie blijft het aantal CD4-cellen stabiel en werkt je afweersysteem zoals bij iemand zonder hiv.

Zodra iemand minder dan 200 CD4-cellen heeft, is er kans op opportunistische infecties. Ook de werking van CD4-cellen speelt een rol. Veel mensen met weinig CD4-cellen blijven nog lang gezond. Je aantal CD4-cellen vergelijken met die van anderen heeft dus weinig zin. De ene mens heeft nu eenmaal meer CD4-cellen dan de andere. Laat de interpretatie ervan over aan de hiv-arts.

De Wereldgezondheidsorganisatie adviseert om zo snel mogelijk met hiv-medicatie te starten, ongeacht het aantal CD4-cellen.

Hoe verloopt een hiv-infectie?

Hiv tast het afweersysteem aan. Dit verloopt in 4 fasen. Aids is de laatste fase.

Fase 1: primo- of acute infectie

  • Het virus dringt in de CD4-cellen en vermenigvuldigt zich.
  • Na enkele dagen of weken hebben sommigen griepachtige symptomen: koorts, huiduitslag, gezwollen lymfeklieren, nachtzweten, gebrek aan eetlust en gewichtsverlies, vermoeidheid, diarree, misselijkheid...
  • De virale lading is in deze fase zeer hoog. Daardoor ben je zeer besmettelijk.
  • Na de aanmaak van antistoffen daalt de virale lading sterk en verdwijnen de symptomen.

Fase 2: asymptomatische fase

  • Je hebt geen symptomen.
  • De duur van deze fase verschilt, van maanden tot jaren, afhankelijk van de agressiviteit van het virus en de sterkte van het afweersysteem. 
  • Het hiv-virus blijft actief en vermenigvuldigt zich.
  • De virale lading is niet meer zo hoog als tijdens de primo-infectie.

Fase 3: symptomatische fase

  • Symptomen van de primo-infectie kunnen terugkeren en langer aanhouden. Je kan bijvoorbeeld last krijgen van kwaaltjes, zoals schimmelinfecties in de mond.
  • De virale lading stijgt en de afweer vermindert geleidelijk.

Fase 4: aidsfase

  • De meeste CD4-cellen zijn vernietigd. Het afweersysteem kan niet meer vechten tegen ziektes. 
  • Je krijgt opportunistische infecties. 
  • Uiteindelijk zal je overlijden.

Wie tijdig start met hiv-medicatie krijgt geen aids en heeft dezelfde weerstand als iemand zonder hiv.

Wie tijdens de aidsfase met medicatie start, moet langer wachten voor de weerstand is hersteld. Je start dus best zo snel mogelijk met medicatie na je diagnose.

Krijg je gemakkelijker hiv als je al een soa hebt?

Ja. 

Je krijgt makkelijker hiv als je een soa hebt. Dat komt door twee redenen:

  1. Soa's tasten de slijmvliezen van je lichaam aan (vooral aan de geslachtsdelen). Daar komen kleine wondjes. Die wondjes creëren een opening voor andere soa's en het hiv-virus. 
  2. Bij een infectie ontstaat een samenscholing van witte bloedcellen. Het hiv-virus gebruikt die cellen om zich te vermenigvuldigen. Je hebt bij een soa dus meer cellen die het hiv-virus kunnen ontvangen.

Conclusie: Heb je een soa? Dan ben je vatbaarder voor het hiv-virus. Laat je dus regelmatig op soa's testen.

Meer informatie of hulp nodig?

  • Elisa Centrum: een gespecialiseerd centrum voor het opsporen van hiv/aids en andere soa's, voor iedereen toegankelijk.
  • Helpcenter: voor problemen rond seksuele gezondheid, testen en behandeling van soa's en hiv, voor kwetsbare groepen.
  • S Clinic: een kliniek voor diagnose en behandeling van soa's en hiv, voor iedereen toegankelijk.
  • Hiv-referentiecentra: medische en psychosociale begeleiding van mensen met hiv en hun omgeving.
  • Sensoa Positief: voor mensen met hiv, hun omgeving en professionals die met hiv in contact komen.